'Gerichte aanpak van overlastgevende asielzoekers werkt'

Ketenmarinier Henk Wolthof

Overlastgevende asielzoekers. Een kleine groep is verantwoordelijk voor veel incidenten en schaadt daarmee de veiligheid op en rond locaties.

Hun gedrag heeft een enorme impact op onze COA-medewerkers. En ze verpesten ook veel voor de andere bewoners. Hun gedrag heeft invloed op het draagvlak voor het vinden van nieuwe azc’s. Een stevige en gerichte aanpak blijkt gelukkig steeds meer te helpen. Dat komt onder andere door de inzet van drie ‘ketenmariniers’. Met een stevig mandaat kunnen zij maatregelen initiëren of bijvoorbeeld partijen erop aanspreken waarom een maatregel niet wordt uitgevoerd. Voor de zomer van 2019 zijn ketenmariniers Henk Wolthof, Jur Verbeek en Cor de Lange gestart. Cor en Henk richten zich in deze pilot op het noorden. Jur werkt vanuit Den Haag.


Henk blikt niet alleen terug op die eerste maanden, hij geeft ook een doorkijkje naar de komende tijd. Want de aanpak loont en zal in 2020 landelijk worden uitgerold.

‘Een stevige en gerichte aanpak blijkt gelukkig steeds meer te helpen’

Waarom heb jij gereageerd op de oproep voor ketenmariniers?

“Toen ik een jaar geleden de vacature voor een ketenmarinier zag, was ik direct gecharmeerd van het idee om heel gericht dit probleem aan te pakken. Als unitmanager Noord van het COA was ik al veel met overlastgevers bezig. En als ketenmarinier kan ik me volledig richten op de veiligheid van personeel en al die goedwillende bewoners. En daarmee ook bijdragen aan het draagvlak voor ons werk en voor asielopvang in gemeenten. Daarnaast kennen Cor en ik elkaar goed en het sprak ons aan dit gezamenlijk te gaan doen.”

‘Het gaat om een heel kleine groep’ wordt steeds gezegd. Is dat zo?

“Het aantal overlastgevers is inderdaad een fractie van het aantal bewoners in de opvang van het COA. We hebben een zwarte lijst samengesteld, de zogenaamde ‘top X-lijst’. Het aantal mensen op deze lijst is 1% van het aantal bewoners bij het COA en schommelt steeds tussen de 250 tot 300 individuen. Het zijn veelplegers die meer dan vijf keer in aanraking zijn geweest met justitie of bij incidenten met bijvoorbeeld personeel of andere bewoners betrokken zijn geweest. Maar ook als iemand bij één groter incident betrokken is geweest; uiteraard komen ook zij dan op deze lijst. Belangrijk feit is dat een heel kleine groep verantwoordelijk is voor de helft van alle incidenten.”

Kun je de gemiddelde overlastgever typeren?

“Calamiteiten zijn niet nieuw voor het COA. We hebben heel wat meegemaakt zo door de jaren heen. Wat nieuw is aan deze groep is de volstrekte onbegeleidbaarheid. Ook COA-medewerkers die al lang in de opvang werken, vaak met een agogische achtergrond, zeggen dit. Het gaat om mensen uit de zogenaamde veilige landen. Mensen uit die landen hebben in principe geen recht op opvang in Nederland. De overlastgevers komen met name uit Noord-Afrika. En opmerkelijk: ze zeggen ook zelf dat alleen een harde aanpak het beste bij hen past. Dat heeft met hun culturele achtergrond te maken, geven ze ook zelf aan.


De ambitie van de hele asielketen - ook van de COA-bestuurders - is, dat er op korte termijn een aparte locatie voor asielzoekers uit veilige landen moet komen. Met een soberdere vorm van opvang om overlastgevers verder te ontmoedigen.”

Het thema van dit jaarverslag is ‘bewegen’. Doen we dit voldoende met elkaar om dit probleem op te lossen?

“Al voordat wij als ketenmariniers begonnen, was er al veel beweging. Met een lijst aan maatregelen. Het bestuur van het COA heeft de problematiek met overlastgevers vanaf het begin zeer serieus genomen en hoog op de agenda gezet. Toch werd er in de uitvoering soms nog teveel de andere kant op gekeken en werd er onvoldoende op locaties gehandhaafd. Wij sturen nu op het uitvoeren van bestaande maatregelen of werken mee aan het bedenken van nieuwe. En van alle betrokken partijen accepteren we bot gezegd geen nee zonder een beter alternatief. Dat was de letterlijke opdracht van toenmalig staatssecretaris Mark Harbers aan ons bij onze start. Wij zijn als ketenmariniers de ‘Haarlemmerolie’. Als het ergens vast zit, dan drukken wij daarop. Dan trekken wij het vlot. En we doen dit met een stevig mandaat.


Het uitgangspunt is klip en klaar; er is een zero tolerance ten aanzien van het gedrag van overlastgevers. Van spugen tot erger, we accepteren niets. Waar je een goede beweging ziet is in Ter Apel, waar een projectteam van Ketenpartners (COA, IND, DT&V en AVIM) samen met de reguliere politie heel gericht bezig is met de aanpak van overlastgevers. Medewerkers in dit team voelen zich niet COA-medewerker of IND’er maar ‘teamlid’. Dat is hier heel sterk aan. We zien dat dit werkt. Het leverde op dat in 2019 zo’n 130 mensen in bewaring zijn gesteld, waarvan 95% terug is gekeerd naar het land van herkomst of naar het ‘Dublin-land’ (het land van de eerste asielaanvraag). Het zou ons helpen als de capaciteit om mensen in bewaring te stellen omhoog gaat. Bij de AVIM en de DT&V moeten meer ambtenaren komen met de bevoegdheid om bewoners in bewaring te kunnen stellen. Als ketenmariniers adviseren wij de staatssecretaris hierover.

Waar we nog moeten bewegen is ‘aan de voorkant’. We moeten meer grip zien te krijgen op de toestroom van overlastgevers. Hoe beter onze aanpak van zero tolerance werkt, hoe onaantrekkelijker het voor deze groep is om naar Nederland te komen.


Een goede beweging zit bij het personeel zelf. Medewerkers hebben weer het gevoel meer de regie te hebben, meer grip te krijgen. Het is makkelijker geworden om aangifte te doen. Maar we zijn er nog niet. Met een uitspraak van het Europese Hof is het straks waarschijnlijk niet meer mogelijk om mensen op straat te zetten. Op dit moment (april 2020) werken we alternatieven uit, zowel binnen als buiten het COA.”

Zit er beweging onder de overlastgevers zelf? 

“Ja, maar helaas in ons nadeel. Waar het ze te heet onder de voeten wordt gaan ze weg, om later weer terug te komen. Ook hier geldt dat een forse inzet helpt. Wij boeken resultaat, maar wel met schommelingen. Eerst zie je een daling in bijvoorbeeld winkeldiefstallen, om vervolgens een kwartaal later weer een stijging te zien. Maar feit is, dat we over heel 2019 een daling van 25% in het aantal aangiftes van winkeldiefstallen hebben gezien. We zijn er nog niet. We blijven alert en er moet nog veel gebeuren. Toch zijn er mooie resultaten behaald.”

De ebtl’s in Amsterdam en Hoogeveen zijn gesloten. Hoogeveen is nu een handhaving en toezichtlocatie (htl). Is dit voldoende?

“Vooropgesteld; liever had ik twee locaties gehad. Maar de ervaringen met de htl in Hoogeveen zijn hoopvol. De praktijk zal moeten uitwijzen of werken met een locatie met een strenger en soberder regime met meer vrijheidsbeperkingen voldoende werkt. Het is knap wat dit team in Hoogeveen met zo’n pittige opdracht heeft neergezet. Het is een mooi samenwerkingsverband tussen Justitie en COA, waarbij we van elkaar leren. Handhaven en agogiek gaan hier fantastisch hand in hand. Deze locatie zal ongetwijfeld effect hebben op de overlastgevers. Als Hoogeveen een succes blijkt, dan is de kans groter is dat er een tweede htl bij kan komen.”

Blijft er voldoende aandacht voor de aanpak van overlastgevers nu het COA druk bezig is om capaciteit te vinden?

“Dit is een risico. De uitdaging om capaciteit te werven is lastiger dan tijdens de hoge instroom in 2015. De vastgoedmarkt is veranderd, maar ook het draagvlak voor asielopvang, zeker ook door de overlastgevers. Daarom ook pleiten wij zoals gezegd voor aparte opvang voor overlastgevers. Dat is beter voor de veiligheid op de andere locaties. Maar tevens om bij het werven van capaciteit burgemeesters te kunnen vertellen dat er voor de zogenaamde veilige landers aparte opvang is.”

Wanneer kunnen we spreken van een geslaagde aanpak?

“We hebben ons als ketenmariniers tot doel gesteld dat 80% van de overlast moet verminderen in Noord Nederland, ons aandachtsgebied en het gebied van deze pilot. Dit willen we goed kunnen aantonen en onderbouwen. Daarom hebben we een 0-meting gedaan. Alleen met het subjectieve ‘iedereen voelt zich veiliger’ komen we er niet. Dit werkt alleen met harde cijfers. Tegelijk herhalen we dat iedereen bij incidenten aangifte moet blijven doen en zaken niet moeten worden geseponeerd.


Niet alleen wij als ketenmariniers hebben verwachtingen van deze aanpak. Ook onze opdrachtgever staatssecretaris Broekers-Knol en de politiek. Niemand wil belemmerend zijn in deze aanpak en we hebben dan ook alle partijen nodig. Van politiek en ketenpartners tot gemeenten en het openbaar ministerie.”