Casemanagers participatie bouwen bruggen binnen en buiten het COA

Voorinburgering en participatie

Elke regio heeft een eigen casemanager participatie die mogelijkheden creëert rond integratie en participatie. 

Een brugfunctie tussen het COA en het maatschappelijk middenveld buiten de opvanglocaties Bij activeren en participeren ligt steeds meer het accent op alle bewoners van de azc’s, niet alleen op statushouders. Dat leverde in 2019 bijzondere initiatieven op om mensen voor te bereiden op een leven hier en om de maatschappij al kennis te laten maken met bewoners. 


De regionale casemanagers participatie begeleiden zelf geen bewoners. Dat doen casemanagers, woonbegeleiders, huismeesters en programmabegeleiders op de locaties, met ondersteuning van de casemanager participatie. Om ervoor te zorgen dat landelijk meer uniform wordt gewerkt, hebben deze casemanagers participatie bijvoorbeeld gezamenlijke doelen opgesteld. “Zodat we allemaal hetzelfde resultaat nastreven. Hoe dat gebeurt, kan de locatie zelf invullen.” Ook zijn stappen gezet voor meer integrale samenwerking op een locatie, onder meer met het Lokaal inburgerings participatie overleg tussen de regionale casemanager participatie, de locatiemanager, huismeester en de programmamanager en casemanager van de locatie. “Op locaties waar dat gelukt is, zie je meer samenwerking en een breder gedragen participatie”, zegt Nienke Hoekstra, casemanager participatie in Noord-Nederland. Zij ondersteunt circa zestien casemanagers op zes opvanglocaties in Friesland en Drenthe.

Repair Center

Een aantal azc’s heeft een activiteitenbalie of jobcenter gekregen voor voorinburgering. Dit is een verzamelpunt voor alle activiteiten. Bewoners kunnen hier terecht om vragen te stellen en het is een contactpunt voor vrijwilligersorganisaties in de buurt. Het centraliseren van alle activiteiten leidt tot extra creativiteit. “In regio Noord begon van alles te gebeuren. Die goede voorbeelden hebben we ook tussen locaties gedeeld. Zoals het Repair Center in Sint Annaparochie. Omwonenden komen nu naar het azc met hun kapotte spullen om die te laten repareren door bewoners. Zij hebben een zinvolle dagbesteding en maken veel contact met Nederlanders. Het is een soort buurthuis geworden.” In het activiteitencentrum in Sneek wordt schilderles gegeven en maken de bewoners meubels, onder leiding van de huismeester. “Die meubels gaan naar andere azc’s door het land. Het bruist er echt en er is meer contact met stad. De sfeer is verbeterd en de overlast teruggedrongen”, vertelt Nienke. Ook werken bewoners als vrijwilliger bij festivals en doen ze mee met wandeltrainingen.

‘De sfeer is verbeterd en de overlast teruggedrongen’

Vrijwilligerswerk in de buurt

Het streven is om bewoners zoveel mogelijk langdurige vrijwilligersklussen aan te bieden, bijvoorbeeld bij sportverenigingen, vrijwilligersorganisaties, non-profitorganisaties en zorginstellingen. “Veel instanties willen graag samenwerken met azc’s, maar liefst wel voor langere tijd met dezelfde mensen. Bij voorkeur zoeken we dan ook klussen die kunnen doorgaan na de verhuizing van het azc naar een gemeente, voor een doorgaande lijn. Helaas lukt dat hier niet zo vaak, omdat veel bewoners (veel) verder weg verhuizen. Toch is alle werkervaring die je hebt opgedaan mooi meegenomen. Zo doen bewoners vrijwilligerswerk op festivals in de omgeving, met de kaartverkoop of als parkeerwacht.”

Terugkeer

Zelfs als een bewoner geen verblijfsvergunning krijgt en moet terugkeren, dan is participatie zinvol. Door de tijd op het azc zinvol te besteden, voelen bewoners die terug moeten keren zich prettiger en gezonder. Nienke: “Door zelfwerkzaamheid (ZWH) zijn en voelen ze zich waardevol.Denk bijvoorbeeld aan klussen die op het azc worden gedaan, zoals ramen wassen, schoonmaak, klein onderhoud, tuinieren, begeleider van de kinderopvang of coördinator van een gemeenschappelijke ruimte. Door die klussen gaat de tijd sneller en hebben mensen het gevoel dat ze ertoe doen. Een mooi gevolg hiervan is dat er minder incidenten op het azc voorkomen.”

Klantmanagers gemeenten

Casemanagers participatie onderhouden nauw contact met de gemeentelijke klantmanagers, in het kader van een warme overdracht wanneer een bewoner verhuist naar de nieuwe woonplaats. Nienke: “Samen met de regiocoördinatoren van Divosa kijken we hoe we straks de nieuwe wet inburgering kunnen uitvoeren. Zij ondersteunen de gemeentelijke klantmanagers, adviseren ons en wij adviseren hen en onze collega’s van het COA. Het doel is dat we uiteindelijk bewoners met een goede basis zien verhuizen naar een gemeente.”


Daar hoort ook bij dat het landelijk bestand met klantmanagers up to date wordt gehouden, zodat statushouder meteen bij juiste contactpersoon terecht kan komen. Ook worden de klantformulieren geoptimaliseerd zodat gemeenten de informatie krijgen die zij nodig hebben. “Als klantmanagers weten dat het COA steeds meer betekent in de voorinburgering, dan willen ze meestal ook steeds eerder geïnformeerd worden over waar een vergunninghouder staat in zijn of haar integratieproces. En kunnen we meer mensen kansen bieden die goed zijn voor onze bewoners en voor de wereld buiten onze locaties.”